Lien's Cardiotest

Ik ben een cijfertjesmens, ik beken. Inkomsten en uitgaven, gewicht, looptijden of het aantal lezers op mijn blog per dag… Alles werkt bij mij beter als ik het zwart op wit gepresenteerd krijg. Als ik van Life Style Fitness de vraag kreeg of ik misschien de cardiotest eens wil afleggen om te zien wat voor resultaten eruit komen, moet ik daar natuurlijk volop voor gaan!

Aanvankelijk is er wat twijfel: als langeafstandsloper weet ik best dat mijn conditie wel goed zit. Op zaterdagochtend ren ik zonder uitzondering 15 kilometer en zolang dat (letterlijk) vlotjes loopt, zie ik het probleem niet. Dat was dus een misvatting.

Er wordt me uitgelegd dat deze cardiotest veel meer dan alleen een niveau zal bepalen: het zal me helpen veel gerichter te trainen. Dat geldt voor zowel beginnende recreatieve fitnessliefhebber als voor een doorwinterde (tri)atleet. Hoe dan? Door statistieken en rekenwerk. Op dat moment werd natuurlijk de cijfertjesaanbidder in mij wakker en besloot ik dat het heel dringend tijd was dat ik meer deed dan looptijden per rondje bijhouden in een boekje. Hartslagen, verzuringspunten of training op vetverbranding? Al snel werd duidelijk dat ik nog wat flink wat kon bijleren: ik neem jullie mee in mijn test.

“Hallo, ik ben hier voor een cardiotest.”

Wesley van Lifestyle Mechelen begroet me met een hartelijke glimlach en maakt meteen tijd, hoewel ik eigenlijk een kwartiertje te vroeg ben. Hij neemt me mee naar een bureau, waar we meteen gewicht en vetpercentage bepalen. Als afstandloper niets nieuws onder de zon. Tijd voor het echte werk!

Ik krijg een hartslagmeter aangemeten en mag plaatsnemen op een hoge witte fiets.

“Probeer binnen de 90-100 toeren per minuut te blijven. De weerstand zal steeds sneller verhogen. Vandaag gaan we tot we niet meer kunnen, hè! Succes!”

Daarna mag ik beginnen fietsen. De eerste 5 minuten gaan vlot voorbij en ik kijk een beetje rond naar de rest van sporters die op deze warme dag graag trainen zonder zonnebrand of liters zweet op ongemakkelijke plaatsen.

Welsey komt weer even langs. “Vanaf 10 à 15 minuten zal je het wel beginnen voelen. Het is de bedoeling je verzuringspunt te bereiken.”

Tot dan toe was ik nog even vrolijk met mijn vriend over onze plannen voor het eten vanavond aan het sms’en, maar rond minuut 18 begint het inderdaad toch wat te branden aan de benen. De gsm gaat weg, de handen aan het stuur, terwijl de eerste druppels zweet me toch in het gezicht en de nek beginnen te staan. Steeds sneller gaat de wattuur naar boven en ik vloek serieus op elk moment dat ik weer wat erger ga afzien. Het is voor de goede zaak, bedenk ik nog en even gaat het weer, maar dan besluiten mijn benen na een minuut of 27 toch dat het genoeg geweest is. Ik haal die 90 toeren ECHT niet meer en stap zuchtend van de fiets af. Even bijkomen.

Tegelijk word ik op dat moment een beetje zenuwachtig… Ik vertrouwde er misschien een beetje te veel op dat ik sowieso een goed resultaat zou halen? Opeens voel ik me weer even student voor de examenuitslag… Niveau 7, vertelt Wesley me al snel en met opluchting stel ik vast dat mijn conditie dus dik in orde is. Maar daarvoor ben ik hier eigenlijk niet… Efficiënter leren trainen is het doel en al snel krijg ik daartoe heel wat nieuwe info te verwerken.

Rustig en in normale mensentaal legt Wesley alles uit: op welke hartslag ik op vetbranding train, wat ik mag doen tijdens intervaltrainingen om mijn conditie aan te scherpen en welke hartslag écht te veel van het goede is. Er wordt me veel duidelijk: waarom hartslag 140 voor mij heel comfortabel aanvoelt tijdens het lopen, terwijl alles boven 150 wel weer wat moeite kost. Ik krijg ook richtlijnen mee wat andere sporten betreft zodat ik gerichter kan zwemmen en fietsen als alternatieve traingingen. Top: de cijfertjesfreak in mij is een gelukkig mens!

Fit met Lien